Sommige mensen werken in een branche. Jaap Engel leefde de hoorbranche. Op 25 maart 1965 startte hij bij Geervliet in Haarlem. Zijn vader droeg hoortoestellen, zijn moeder hoorde dat er iemand gezocht werd en Jaap besloot te solliciteren. Eigenlijk overwoog hij in die tijd om meer richting onderwijs of geschiedenis te gaan. Het liep anders; wat begon als een kans in de hoorbranche groeide uit tot een loopbaan van 61 jaar. Een indrukwekkende carrière waarin Jaap filiaalhouder, directeur, medeoprichter van HINK, voorzitter van ICA, docent binnen de vakopleiding én vooral audicien en ondernemer werd.
Wij ontmoeten Jaap bij Engel Hoorservice in Schagen. Deze winkel was van zoon Lourens en zijn vrouw Mirjam. Jaap had zelf winkels onder de naam Engel Hoortoestellen in Amersfoort en Leusden. Nog altijd praat hij met dezelfde energie als vroeger over zijn vak. En altijd vanuit dezelfde overtuiging: hoorzorg begint bij aandacht voor mensen. Die aandacht had hij zeker ook voor onze redactie, die hem de volgende stellingen voorlegde.
“Luisteren is heel belangrijk. Mensen die bij ons in de winkels kwamen, hadden het vaak eerst over zichzelf: over een baby die onderweg was, maar ook over problemen thuis en over kinderen die niet meer kwamen. Dat moest er eerst uit voordat we aan de oren begonnen. Ik maakte daar notities van en kwam daar later op terug. Dat heeft niets met verkooptechniek te maken, ik luisterde gewoon”.
“Uiteindelijk gaat het natuurlijk om de verkoop van hoortoestellen, maar wel door mensen daarmee zo goed mogelijk te helpen. Je moet gewoon een verdomd goede audicien zijn. In ben ervan overtuigd dat je je in deze tijd alleen nog maar onderscheidt door je werk beter te doen dan anderen”.
“Technologie fascineert mij enorm. De ontwikkeling die het hoortoestel had en nog heeft, is fantastisch. Ik maakte dat allemaal mee: van analoog naar digitaal tot en met de AI-innovaties van de laatste jaren. Echt geweldig! Maar dat dekt 80 procent qua optimaal horen, want die laatste procenten moeten van de audicien komen. Precies daar maak je het verschil. Niet met standaardinstellingen van het hoortoestel, maar door aandacht te geven aan wat iemand nodig heeft. Ik zie duidelijke verschillen tussen ‘horen’ en ‘prettig horen’. Ik ben altijd voor het laatste gegaan”.
“Ik heb er nog steeds moeite mee dat zorgverzekeraars bepalen welke hoortoestellen iemand mag kiezen. Die keuze hoort bij de klant en de audicien te liggen. Het gaat niet om het geld, om categorieën of contracten, maar om iemand zo goed mogelijk te laten horen. Een audicien werkt niet voor de zorgverzekering, maar voor de slechthorende klant. Als mensen iets krijgen waar ze niets voor betalen en het werkt niet meteen goed, dan verdwijnt het in de la. Maar als mensen ergens bewust voor kiezen, dan gaan ze er anders mee om. Uiteindelijk moet iedereen gewoon het hoortoestel kunnen kiezen dat het beste past”.
“Toen we in 1991 de HINK Groep startten, en in 2001 Engel Hoortoestellen samen met mijn vrouw en Lourens, gaf dat vrijheid. Vrijheid om dingen te doen zoals je denkt dat ze goed zijn. Er is geen betere baas dan een eigen baas, vind ik. Daarbij moet je speciaal zijn, want anders red je het niet. Mensen kunnen overal hoortoestellen kopen”.
“Ik heb twee zoons op wie ik trots ben, Lourens en Mighiel. Lourens koos hetzelfde vak, Mighiel een andere richting. Lourens ging, net als ik, voor een hoorbelevingswinkel. Een winkel waar klanten in de watten worden gelegd. Toen Lourens nog voor mij werkte, gaf ik hem vrijheid en mocht hij fouten maken. En nu zijn we naast vader en zoon ook vrienden. Hij doet zaken soms anders dan ik vroeger deed, maar dat is ook precies zoals het hoort”.
“Dat klopt, ik begin elke dag met een gevulde fles. Ik vind het positieve leven veel gemakkelijker dan het negatieve. Ik heb in die 61 jaar eigenlijk geen dag gehad dat ik dacht: ik vind het niet leuk om te werken. Elke dag was een feestje”.
Jaap Engel neemt tijdens een feestelijke receptie in Schagen na 61 jaar afscheid van de branche die hem nooit losliet. En ’m waarschijnlijk nooit helemaal los gaat laten. Toen we hem spontaan tijdens het interview vroegen welke muziek hij eigenlijk bij de hoorbranche vindt passen, aarzelde hij geen moment en noemde ‘We’ll Meet Again’ van Vera Lynn. “Dit nummer heeft alles in zich: ontmoeting, verbinding, contact en weer samenkomen. Zoals ik dat met klanten, met relaties en collega’s ervaarde”, besluit Jaap.
‘We’ll meet again, don’t know where, don’t know when but I know we’ll meet again’… en gezien zijn positieve aard zeker op ‘some sunny day’. Dank voor alles Jaap!

Tags: Earline Magazine